De armoede overviel haar. Ze zette haar trots opzij en boorde een oerkracht aan, voor haar kinderen.

Het kan iedereen overeenkomen. Neem nou Miranda (45). Zes jaar geleden ontbrak het haar aan niets: getrouwd, het derde kind op komst, goede baan, fijn huis… geen vuiltje aan de lucht. Daar kwam snel verandering in. Haar man kwam uit de kast; een donderslag bij heldere hemel, die het einde van hun huwelijk inluidde. Het was de eerste van een nare reeks tegenslagen.

Een nieuwe relatie bracht een vierde kind, maar niet het geluk waar Miranda op hoopte. Met zachte stem vertelt ze: ‘Laat ik het zo zeggen… er was sprake van huiselijk geweld. Dat was voor mij de grens, daar wil je je kinderen koste wat kost voor behoeden.’ Twee jaar geleden was er een derde klap. ‘Ik werd boventallig verklaard op mijn werk. Ik kwam in de WW en moest op zoek naar ander werk. Nou heb ik altijd op HBO-niveau gewerkt, en ik was optimistisch over mijn kansen. Maar dat viel zwaar tegen.’

Smeken om werk

Het dieptepunt werd bereikt toen Miranda – na talloze afwijzingen in haar eigen vakgebied – solliciteerde als schoonmaakster bij een recreatiepark. ‘Ik kreeg te horen: mevrouw, waarom wilt u dit werk doen, u heeft te veel opleiding. Ik dacht dat ze me voor de gek hield. Het liep hoog op en uiteindelijk zei ik: als ik u nou sméék om me aan te nemen… maar nee, ze wilden er niet aan.’

Het einde van haar WW-uitkering – zo’n 900 euro per maand, bepaald geen vetpot – is nu in zicht. En dan is er een diep zwart gat, weet Miranda. Want: ‘Het is een ingewikkeld verhaal, maar de korte versie is dat ik geen recht op bijstand of allerlei toeslagen zal hebben, omdat ik ooit een deel van de opbrengst van het huis van mijn ouders zal erven. Komt ook doordat mijn zussen niet willen meedenken over een oplossing. Het is zelfs zover gekomen, dat het contact verbroken is.’ Miranda loopt bovendien tegen een muur van bureaucratie op: ‘Ik heb zelfs aangeboden mijn deel weg te schenken, maar dat noemen ze onzorgvuldig handelen, en dan ben ik nog verder van huis.’

Dan maar lopen

En dus zit Miranda, met vier opgroeiende kinderen, zeer binnenkort zonder inkomen. Haar ex-man kan haar niet helpen. ‘We gaan nog steeds goed met elkaar om, maar doordat hij kampt met gezondheidsproblemen kan hij financieel echt niet bijdragen.’ Miranda is sinds vorig jaar al rigoureuze bezuinigingen gaan doorvoeren.  ‘Een duur telefoonabonnement heb ik opgezegd. Op een gegeven moment ging mijn fiets kapot… nou, dan maar lopen. Ik leerde mezelf om de kinderen te knippen.’ Het hielp, maar niet afdoende. ‘Ik kon de zorgpremie niet meer opbrengen. Dat is wél erg. Omdat je in Nederland niet onverzekerd mag zijn, krijg je dan een zogeheten bestuursrechtelijke premie opgelegd, en die is drie keer zo hoog. Dat telt op bij je schulden.’ Met knikkende knieën ging Miranda dan ook met haar zoon naar de EHBO in het ziekenhuis. Zijn pols bleek gebroken. ‘Toen werd mij verteld dat ze je sowieso helpen, dat wist ik niet. En heel fijn was ook dat ze… eh… vergéten zijn de kosten te verhalen.’

Brúllen in de rij

Die meevaller kon Miranda goed gebruiken, maar het was duidelijk dat er méér moest gebeuren. ‘Ik wilde de kids niet tekortdoen, dus ik at minder. Ik viel zoveel af dat het opviel en dat wilde ik niet.’ Het was onvermijdelijk: ze moest een beroep doen op de Voedselbank. ‘De eerste vier, vijf keer heb ik daar brúllend in de rij gestaan. Wat me meteen opviel was het begrip dat mensen tonen voor je situatie. Zo schrok ik me wezenloos toen ik een leidinggevende van mijn oude bedrijf daar als vrijwilligster zag werken. Zij begreep meteen hoe moeilijk dat voor mij was en heeft me enorm gesteund.’

Wie op vrijdag naar de Voedselbank gaat, komt vanzelf in de trechter van de Quiet Community terecht. ‘Die mensen zitten daar in weer en wind buiten aan een tafeltje om Members te werven. Respect, maar ik vond het aanvankelijk niets voor mij… zag zoveel mensen die die extraatjes nog harder nodig hadden dan ik.’

Noodkreet

Het kantelpunt kwam voor Miranda toen de armoede vat kreeg op het welzijn van haar kinderen. ‘Bij de oudste twee groeide het gebit als een tweede rij tanden, boven het melkgebit. Daardoor gaan ze scheef staan.’ Toen ze merkte dat een van de jongens anders ging kauwen, moest ze het hoge woord eruit trekken. ‘Hij had pijn, al een tijdje. Maar jongen, waarom heb je dat niet meteen gezegd, vroeg ik. Het antwoord sneed me door de ziel: ‘Mama, ik weet toch hoe weinig geld we hebben, ik wilde niet dat je daar ook nog druk over ging maken.’ Toen wist ik dat ik mijn trots opzij moest zetten en meer hulp moest zoeken.’

Miranda stapte weer over een drempel en schreef een brief aan Quiet Community over de situatie van haar kinderen. Die noodkreet werd opgepikt. Er werd contact gelegd met een bevriende tandarts en die bleek bereid gratis het gebit van Miranda’s oudste twee op orde te brengen. ‘Het was geweldig. Toen het klaar was, zei hij dat hij mij en de jongste twee ook nog wilde controleren. Tegenstribbelen hielp niet. Ik was echt ontroerd.’

Gevoelige snaar

Ook bij een ander probleem dat Miranda in haar mogelijkheden beperkt  wordt momenteel aan een oplossing gewerkt. ‘Ik had daglenzen, maar ik kon ze niet meer betalen. Dan ga je rekken. In plaats van ze één dag in te houden draag je ze twéé dagen. Al gauw zit je op een week, twee weken… maar je voorraad gaat hoe dan ook op. En dan zit je daar met min zes aan allebei je ogen.’ Dankzij bemiddeling van Quiet Community kon Miranda terecht bij een sponsorende lenzenspecialist. ‘Dat was ook heel emotioneel. Die man was heel aardig en stelde een heel simpele vraag, die bij mij een gevoelige snaar raakte en ja, toen kwam alles eruit.’ Inmiddels is er een plan van aanpak voor haar ogen: komt goed. Dat ze hulp heeft gevraagd vindt ze, terugkijkend, positief: ‘Op dat moment voelde het als zwakte, maar dat is het niet, besef ik nu.’

Krachtige vrouw

De telefoon gaat. Haar oudste, van dertien, in lichte paniek. Hij mist een trein en zal later thuis zijn. Miranda weet hem te kalmeren. Dan: ‘Hij baalt enorm, want hij wil straks per se met mama mee naar de Voedselbank. Dat is aan de ene kant heel ontroerend, maar als moeder wil je natuurlijk niet dat je kind met zulke dingen rekening houdt.’ Dan, met het hoofd omhoog: ‘Weet je, er is één ding dat ik me niet wil ontzeggen. Nog niet. Ik doe mijn best er verzorgd uit te zien. Niet voor mezelf of voor een man, maar voor mijn kinderen. Dat niemand hen dáárop aanspreekt, ik wil niet dat zij een stempel opgedrukt krijgen. Ik ga regelmatig naar de ruilwinkel aan de Korvelseweg. Daar lever ik dan dingen van ‘vroeger’ in, dan krijg je punten voor. Daarvoor kan ik daar weer noodzakelijke dingen kopen voor de kinderen. De waarde van het leven haal ik uit het geluk en de gezondheid van mijn kinderen. En als ik dan zie hoe goed ze eruitzien, dan ben ik een gelukkiger mens. Ik ben er trots op om zo goed voor ze te zorgen. Laatst zei iemand nog: jij bent zo’n krachtige vrouw. Ik dacht… hou dat beeld vooral vast.’

FOTO: HANS VAN DONGEN

Het verhaal van Miranda maakt deel uit van het Quiet Jaaroverzicht 2016. Daarin vertellen vier Members over hun stille armoede. Hieronder de links naar de andere drie verhalen.