In 1871 werd de Groninger Volksgaarkeuken opgericht om de armlastigen van een goede, voedzame doch goedkope maaltijd te voorzien. De oprichtingsvergadering vond plaats in het Ommelanderhuis, nu een opvang voor dak- en thuislozen. Het Woon en Eethuis voor Allen, kortweg WEEVA, werd algauw een begrip in de stad. Nu, 147 jaar later, bestaat de WEEVA nog steeds en hebben ze de sociale betrokkenheid hoog in het vaandel staan. Dit blijkt ook uit hun maandelijkse sponsoring van Quiet Groningen.

Tekst: Arnold de Meijer Foto’s: Gerard Julsing

“Als je kijkt naar onze geschiedenis, is de sociale achtergrond natuurlijk heel belangrijk,” vertelt Renate Snoeijing (42), Sales en Marketing Manager van de Martini Hotel Group, waar naast WEEVA ook het Martini Hotel, Bud Gett Hostels, Taveerne Rabenhaupt, De Rietschans, Brinkhotel Zuidlaren en Eethuis voor Allen Zuidlaren toe behoren. “We verzorgden niet alleen een goede betaalbare maaltijd, maar ook een plek om te overnachten. We sluiten daar nu ook bij aan.  Niet alleen vanuit een historisch besef, maar ook vanuit ons hart.”

 

Knipoog

De inrichting is met een knipoog naar het verleden gemaakt. Overal vindt de bezoeker dingen uit het verleden. Oude foto’s, de ketels waarin vroeger werd gekookt zijn onderdeel van de inrichting. “Als Martini Hotel Group, streven wij heel erg naar een eigen identiteit en houden we binding met de historie. Niet alleen in de inrichting, maar ook in de gerechten. Kalfslever staat bij ons nog op de kaart. Dit koppelen wij aan ouderwetse gastvrijheid, persoonlijke aandacht, streekproducten en vakmanschap. ”

 

Gastvrijheid

“Gastvrijheid staat bij ons altijd voorop. Wij maken geen onderscheid. Of je nu een daghap bestelt of een vijfgangendiner met de duurste wijnen, iedereen is voor ons even belangrijk. Onze insteek is het om iedere gast met een goed gevoel naar huis te laten gaan. Mensen moeten willen terugkomen.”

Sociaal betrokken

“Vanuit ons verleden als gaarkeuken is de betrokkenheid met Quiet Groningen vanzelfsprekend. Natuurlijk willen wij geld verdienen, maar wij moeten ook denken aan hen die het minder hebben. Met zo’n verleden als het onze, heb je als organisatie natuurlijk ook een sociale verantwoordelijkheid en betrokkenheid en daar is elk personeelslid goed van doordrongen.  Als mensen hier dan komen eten en vertellen hoe zij in de positie zijn gekomen waar ze nu inzitten, dan krijgt de armoede een gezicht. Dan krijgt het delen ineens een heel andere dimensie. Mensen blij maken daar gaat het om.  Wij stellen vier daghappen per maand beschikbaar. Overigens is het wel handig om even te reserveren, want vaak is het erg druk,” aldus Renate.