Quiet Tilburg kan niet zonder mensen die de handen uit de mouwen steken, letterlijk en figuurlijk. Vrijwilligers die hun talenten graag onbetaald inzetten voor het goede doel. In deze interviewserie laat Caroline Moerland (zelf ook vrijwilliger) steeds een van die kanjers aan het woord. Deze keer Hans van Driel, die als adviseur en klankbord van bestuur en team bijdraagt aan het werkplezier. 

Hans (68) was werkzaam aan de Tilburgse universiteit en heeft nu een goed pensioen. Arm is hij niet, al was dat in zijn jeugd wel anders. Door gesprekken met Quiet-members beseft hij dat armoede ook hemzelf weer kan overkomen. “Ik kan het me niet voorstellen, maar het is écht zo. Vaak is er sprake van een stapeling van problemen, waar mensen zelf nauwelijks invloed op hebben. Pure pech.” Armoede doet veel met mensen. Dat houdt hem bezig. “Mensen schamen zich en vragen zich af: ‘Wie ben ik nog?’ Je verliest je zelfvertrouwen.”

Hij vindt het dan ook belangrijk dat er veel aandacht is voor versterking van members – naast verzachten en vertellen een van de doelen van Quiet. Dat meer mensen die leven met armoede hun zelfvertrouwen terugkrijgen. Dat kan volgens Hans door samen op zoek te gaan naar talenten. “De een kan goed voorlezen, de ander kan tijdens een wandeling allerlei plantjes benoemen. Met zulke talenten doe je een ander een plezier. En dat is goed voor je gevoel van eigenwaarde.” 

Even afstand nemen

Zelf vindt hij het fijn om zijn talent voor luisteren te kunnen inzetten voor Quiet. Dat deed hij eind 2020 tijdens de ‘Spoorpark-wandelingen’. Op verzoek van voorzitter Stefan Jansen van Quiet Tilburg sprak Hans met alle bestuurs- en teamleden. Ze vertelden hem waar ze tegenaan liepen in hun werk en samen bespraken ze mogelijke oplossingen. “Het meest opvallende voor mij was dat mensen het heerlijk vonden hun hart te luchten bij een buitenstaander die ze vertrouwden.”

Betrokkenen prijzen de goede sfeer bij Quiet Tilburg. Toch denkt Hans dat het goed is regelmatig terug en vooruit te kijken. Even afstand nemen van de waan van de dag. “Ik zou bijna zeggen: doe zoiets elke drie jaar.” 

Een Quiet 500 cadeau

Hans weet hoe belangrijk een goede werksfeer is. Zelf heeft hij jarenlang met plezier bij de universiteit gewerkt. Bij zijn afscheid in 2017 wilde hij zijn collega’s bedanken voor de fijne tijd. “Normaal gesproken kríjg je dan cadeaus. Ik wilde het andersom doen en heb alle genodigden een Quiet 500 gegeven.”

Het moment dat hij binnenstapte bij het pand in – toen nog – de Boomstraat was zijn eerste kennismaking met Quiet Tilburg. Voordat hij weer naar buiten wandelde met 150 exemplaren van de glossy over armoede, raakte hij in gesprek met toenmalig projectmanager Jean-Pierre Joos. Die vroeg Hans of hij vrijwilliger wilde worden. Hij zei ja. 

Aanvankelijk wist Hans niet goed wat hij voor Quiet kon betekenen. Maar dat werd al snel duidelijk. Door het enorme succes van de Quiet 500 en alles wat de glossy teweegbracht, was er in 2018 behoefte aan een adviseur met bestuurlijke ervaring. Hans paste perfect in dat plaatje. Op de universiteit gaf hij niet alleen les, als ‘vice-decaan onderwijs’ had hij ook bestuurlijke ervaring. 

Nieuwe structuur

Terugkijkend op zijn eerste opdracht in 2018 constateert Hans dat de stormachtige ontwikkeling van destijds Quiet boven het hoofd dreigde te groeien. Vijf jaar na de publicatie van de eerste glossy – “een geniaal idee” – was de community-formule vanuit Tilburg al naar zes andere steden geëxporteerd. In de ‘moederstad’ was de teller inmiddels omhoog geschoten naar 1.200 ingeschreven huishoudens met armoede, mede dankzij 400 sponsors die diensten of spullen doneerden. 

Bestuur en team waren niet meer ingericht op die groei. Aan Hans de taak om over een nieuwe organisatievorm te adviseren. De pioniersfase was zeer succesvol afgerond; de nieuwe fase die Quiet nu inging vroeg om een ander type bestuurders. “Tilburg deed alles. Dat was op termijn niet houdbaar,” zegt hij. Op zijn advies ontstond Quiet Nederland, met een eigen bestuur. Ook Tilburg kreeg nieuwe bestuurders. 

Persoonlijk contact

Hans vindt het belangrijk dat Quiet geen grote, onpersoonlijke organisatie wordt, zoals overheidsinstellingen aanvoelen voor mensen met een uitkering. Zelf is hij ook allergisch voor die systeemwereld, zoals hij dat noemt. “Quiet zit in de leefwereld van mensen. Dát maakt het een ijzersterk merk.”

Persoonlijk contact is een belangrijk onderdeel van de Quiet-aanpak. Wat dat betreft heeft corona er behoorlijk ingehakt, stelt hij vast. “Quiet is eigenlijk een soort vereniging. Maar als je elkaar niet kunt ontmoeten, wordt de onderlinge band minder sterk. Dan moet je oppassen dat je elkaar niet kwijtraakt.”