De vrolijke vindingrijkheid van Maria

Maria woont in een gewoon Hilvarenbeeks rijtjeshuis. Achter haar voordeur wacht een paradijs voor mensen met groene vingers. Overal waar je kijkt staan planten en stekjes in zorgvuldig voor het raam geplaatste bloempotten. Een uit de hand gelopen hobby, bekent ze. “Ik ben dus de herrieschopper tegen stille armoede hier in het dorp. Ik ben er niet trots op, maar ga ook niet verbloemen dat ik in armoede leef. Er hangt veel te veel schaamte omheen. Daarom doe ik mee aan dit interview en staat mijn gezicht op posters en flyers.” Op de eettafel staat een grote kan koffie en er liggen krentenbollen. Genoeg brandstof voor een goed gesprek. Ook Quiet projectleider Simone schuift aan. Om wat meer achtergrond te geven over ‘haar’ Community. En om Maria een steuntje in de rug te geven. Alhoewel Maria zich verbaal uitstekend weet te redden: “Ik kom bij Quiet voor de humor en om een beetje te kwallen,” lacht ze. “Dat liever dan mijn binnenwereld delen, snap je? Ik heb altijd het idee dat mensen niet op mijn verhaal zitten te wachten. Maar hier komt het.”

TEKST: RUTGER RIJKEN-VROLIJK
FOTO’S: ROOS PIERSON

Maria is de vier na oudste uit een gezin van twaalf. Haar ouders waren oprichters van de kinderboerderij in Hilvarenbeek. Een onder dorpsbewoners bekende familie dus. “Mijn vader was van het type ‘ruwe bolster, blanke pit’ en deed zich nooit anders voor dan hij was. Zo zijn we in onze familie allemaal wel, denk ik. Zonder poespas. Ik houd zielsveel van het gezin waarin in ben opgegroeid.” Eenmaal uit huis krijgt ze twee dochters en start ze een motorzaak met haar toenmalige man. “Ik was ook kostwinner in die tijd en heb allerlei parttime baantjes gehad. Stilzitten is niks voor mij, rust roest hè.”
“Tien weken na de geboorte van mijn eerste overleed mijn vader. Niet veel later stierf ook mijn moeder. In het jaar dat ik moeder werd, werd ik dus ook wees. Het verliezen van mijn ouders heeft me gevormd. Ik ben nog nooit zo hard van m’n tak gevallen als toen.” Drie jaar later – Maria is 39 en is inmiddels voor de tweede keer moeder geworden – komt ze er alleen voor te staan. “Mijn relatie van dertien jaar was over. Ik was vanaf dat moment 24/7 alleen met de kinderen bezig.” Een tijd waarin ze voortdurend hulp moet accepteren. “Ik wilde niet arrogant overkomen door ‘nee’ ze zeggen, dus ik heb altijd alles aangepakt. Wat ik niet kon gebruiken gaf ik weer door aan anderen. Mijn kinderen zagen er altijd goed uit. Nette kleren, mooi geknipt. Maar het water stond ons aan de lippen. Ik heb er alles aan gedaan om mijn kinderen te geven wat ze nodig hadden. Om ervoor te zorgen dat het goed met ze ging. Maar gemakkelijk was dat niet, want het zijn pluskindjes. Zo noem ik dat.”

Twintig prachtige jaren

Maria’s dochters hebben allebei te kampen met een ingrijpende aandoening; de een heeft autisme, de ander ADD. Op school weet men daardoor geen raad met ze, hoe hard Maria ook knokt om het systeem te veranderen. Thuis doet ze daarom haar uiterste best om er iets van te maken. “Ik heb alles over autisme en ADD gelezen wat los en vast zat en liet ze echt kind zijn. We hadden een moestuin om lekker in te rommelen. Een tweede eettafel waaraan ze konden spelen zodat ze niet alles op hoefden te ruimen als we gingen eten. En ik heb voorgelezen tot ik niet meer kon spugen. Ik was creatief ja. Natuurlijk heb ik nachten wakker gelegen van de zorgen. Maar ik heb altijd gekeken naar wat ik had, niet naar wat ik miste. Dat heb ik mijn kinderen ook meegegeven.” Gelovig is ze niet. Toch denkt ze dat haar dochters met een bedoeling bij haar geboren zijn. “Ik heb gekregen wat ik aankon. Iedereen krijgt in zijn leven een beproeving. Ik verwacht geen standbeeld voor de beste moeder hoor. Maar ik heb altijd mijn best gedaan.”
Haar dochters zijn inmiddels 27 en 24 jaar oud. Het gaat goed met ze. “Het waren de mooiste twintig jaar van mijn leven,” vertelt Maria, “mijn eigen kuikentjes opvoeden.” Hoe ze het financieel heeft kunnen doen, al die jaren? “Mijn moeder zei altijd: ‘as ge mee oewen erremoei ginne raad weet, bende nie wert da ge’m het’. Da’s Brabants voor ‘als je niet weet wat je met je armoede moet doen, dan ben je het niet waard om arm te zijn’. Dan word je vanzelf vindingrijk hoor. Ik kwam bijvoorbeeld jaren op het kerkhof, om weggegooide plantenbollen uit de kliko te halen. Daar had ik mijn tuin van. Je moet daarvoor wel de schaamte voorbij zijn.”

Armoede in Hilvarenbeek?

Schaamte staat niet in Maria’s woordenboek. Vroeger misschien, maar tegenwoordig interesseert het haar oprecht weinig. “Ik sta er al 23 jaar alleen voor hè, met de kinderen. En ook vóór die tijd had ik het niet breed. Dan wen je er gek genoeg aan.” Toch is schaamte in Hilvarenbeek wel een groot thema, legt Quiet projectleider Simone uit: “Stel dat je binnenkomt bij onze inloop en je ziet de buurvrouw van je zus zitten? Dat is wel een dingetje.” Een ander groot thema in het dorp is het besef dat er überhaupt armoede is. Simone vervolgt: “Hilvarenbeek staat in de top-10 rijkste gemeenten van Nederland. Armoede is hier een ver-van-ons-bed-show. Toen wij in april 2018 startten met Quiet hoorde ik van veel mensen dat ik hooguit zes aanmeldingen zou krijgen. Want ‘zoiets is hier toch helemaal niet nodig?’ Nou, daar is men nogal op terug moeten komen. We hebben op dit moment 70 gezinnen. En als ik morgen opnieuw zou gaan werven zijn dat er 110. Armoede in Hilvarenbeek wordt zo steeds zichtbaarder. Een goede ontwikkeling, want het begint met een stukje bewustwording. Tegelijkertijd is het succes van Quiet ook wrang. Ik zou het liefste willen dat er maar zes gezinnen in armoede leven hier in het dorp. In die wereld zou het een veel kleiner probleem zijn.”
“Quiet betekent voor mij thuiskomen, een warm bad,” vertelt Maria. “Weet je hoe dat komt? Als we met members bij elkaar zitten, dan gaat het niet over waar we op vakantie gaan, welke nieuwe kleren we hebben gekocht of hoe het op het werk gaat. Dan gaat het over ándere dingen. Dingen die dicht bij ons staan. Hoe we onze dag invullen en hoe we het doen met zorgtoeslag of huurtoeslag. Maar ook het weer en onze hobby’s komen voorbij. Weet je, ik heb echt lieve vrienden en familieleden, maar die werken allemaal. Als ik dan op een feestje kom voel ik me vaak een buitenstaander. Niet dat ik jaloers ben. Allesbehalve. Als ik wel eens hoor wat anderen aan vaste lasten kwijt zijn dan moeten ze me zowat reanimeren!” Maria buldert van het lachen. Humor blijft haar wapen.

Ideeën ophalen bij members

Quiet Hilvarenbeek gelooft sterk in het organiseren van activiteiten waarvan members zelf aangeven dat daar behoefte aan is. “We halen actief ideeën op bij onze members, het komt echt van onderaf,” licht Simone toe. “We merken gewoon dat we minder aanmeldingen hebben als we helemaal zelf iets bedenken.” De succesvolle kledingbeurs is zo ontstaan. “We doen dat drie keer per jaar, in januari, mei en oktober. De inwoners van Hilvarenbeek kunnen van tevoren kleding inleveren. Alleen wat netjes is komt op de beurs, de rest gaat naar een ander goed doel. Alle Quiet members mogen tijdens de beurs gratis kleding uitzoeken. Wat daarvan overblijft verkopen we voor 50 cent per stuk tijdens een openbare verkoop. De opbrengst gaat regelrecht terug naar Quiet. Dit jaar is het geld gebruikt voor de Sinterklaasviering voor de Quiet kinderen.
Nu we het er toch over hebben. Maria heeft ook nog wel wat ideeën. “Koken met de hele club, dat zou ik nou leuk vinden. Lekker bezig zijn en tussendoor recepten en ideeën uitwisselen. Ik wil ook wel een keer met mijn naaimachine komen opdraven. Of samen jam maken. Of een cursus fotografie in de natuur! Ik had vroeger een spiegelreflex, fotograferen was mijn passie. Toen ik in de bijstand kwam was het echter snel klaar. Het talent ligt er, maar uitdiepen en ontwikkelen gaat niet. Die hobby heb ik met smart laten gaan, verdomme wat jammer. Ook lichamelijk is het trouwens moeilijk vanwege de pijnlijke artrose in mijn wervelkolom. En mezelf overgeven aan iemand die me in een rolstoel gaat voortduwen, dat kan ik niet. Ik ben een controlefreak dus wil zelf de regie houden.”
“Ik wil ieders talenten benutten,” vult Simone aan. “Als je iets aanreikt willen mensen er ook wel iets voor terug doen. Onze members willen binnen Quiet iets betekenen. Het is een fijne groep mensen met eigen talenten. Dan ontstaat er vanzelf iets moois. Wij hebben ook één op één contact met alle members. Ze kunnen ons appen, bellen of mailen. Niet alleen omdat wij een doorverwijsfunctie hebben. Ook omdat ze hun eigen ideeën bij ons kunnen aandragen. Graag zelfs!”

Alles wat je aandacht geeft groeit

Maria heeft heel wat positieve reacties ontvangen in de weken dat ze op posters en flyers van Quiet te zien is geweest. “Mensen vonden dat ik er goed op stond. Er was zelfs iemand die me naar aanleiding van de posters allerlei spulletjes heeft geschonken. Ik denk dat de mensen geen negatieve reacties durfden te geven,” lacht Maria, “want ik heb mijn klep wel bij! Ik moet bekennen dat ik laatst nog tegen m’n zus zei dat ik liever in de Quote had gestaan. Maar ja, dat was niet haalbaar. Dat vinden wij dus lollig hè!”
Wanneer ze een blik werpt op de toekomst, kijkt Maria eerst naar Quiet: “Over vijf jaar wil ik dat Simone een groter team heeft, en dat we dan zo hard gegroeid zijn dat we álle Hilvarenbekenaren in armoede kunnen helpen. Wat ik voor mezelf wil? Joh, ik vind heel veel dingen leuk. Ik heb een reizende geest. Als mijn zus in Australië zit of mijn nichtje in Azië, dan ben ik er als het ware ook. Ondanks mijn ziekte reis ik zo de hele wereld over. Ik probeer niet bezig te zijn met de pijn, maar juist met mooie, leuke dingen. Alles wat je aandacht geeft groeit, dat heeft mijn jongste dochter me geleerd. Dus ik geef alleen de positieve dingen in mijn leven aandacht. En daarvan zijn er gelukkig genoeg.”