Tekst: Christine Slurink-Schotman, Illustratie: Gerda van Rijs

Mevrouw S is een hartelijke, spontane vrouw die graag vertelt over haar ervaringen met Quiet. Ondanks alle moeilijkheden in haar leven blijft ze positief. Vanwege Corona spreken we haar telefonisch.

 

Ik ben niet zielig

Jaren geleden raakt mevrouw S door haar slechte gezondheid haar baan kwijt. Ze gaat als vrijwilliger aan de slag om ouderen computerles te geven, maar ook hier zit haar zwakke gezondheid haar in de weg en stopt ze op advies van de artsen. Door haar auto-immuunziekte is ze beperkt in haar functioneren: ‘Soms kan ik lopen en soms zit ik in mijn rolstoel’, legt ze uit. Via de Voedselbank leert mevrouw S een paar jaar geleden Quiet Drechtsteden kennen. ‘Sinds kort kom ik helaas niet meer in aanmerking voor hulp van de Voedselbank. Ik heb een uitkering vanuit de participatiewet, wat betekent dat ik een zo laag mogelijk basisinkomen krijg, dit als stimulatie om te gaan werken. Maar ik heb geen schulden. Mensen met schulden hebben voorrang. Gelukkig heb ik een vriezer met wat voorraad, dus voorlopig zit ik goed. Ook mijn dochter koopt soms bijvoorbeeld een brood voor me. Maar zij heeft het ook niet breed en eigenlijk wil ik niet dat ze dat voor mij doet. Ik ben niet zielig’, zegt ze met volle overtuiging, ‘maar het is soms wel vervelend allemaal’.

 

Valse schaamte

‘Mensen in mijn omgeving weten niet dat ik naar de Voedselbank ging. Het is een soort valse schaamte. Ik vind het woord armoede ook naar klinken. Het niet hebben is heel vernederend. Ik ben niet gewend om ergens om te vragen, dat kan ik niet. Vroeger deed ik alles zelf. Vragen is het ergste wat er is. Dus ik doe het met wat ik heb. Ik maak van niets iets.’

Dat de omgeving van niks weet, is ook lastig als ze wordt uitgenodigd. ‘Ik jok nooit over mijn ziekte’, zegt ze, ‘dus als iemand mij uitnodigt voor een verjaardag zeg ik dat ik geen energie heb. Dat is ook zo. Maar ik ga niet, omdat ik geen kadootje heb. Ik kan niet binnenkomen met lege handen. Soms koop ik wat in de uitverkoop en bewaar het om later weg te geven. En soms koop ik iets voor een ander in plaats van brood voor mezelf. Ze hebben geen flauw benul. Ik vind het heel moeilijk om om hulp te vragen.’

 

Si Barone, Christa’s Cookies en Pluktuin

Via Quiet krijgt mevrouw S de kans om uitjes te maken die ze normaal gesproken niet kan doen. ‘Wat Quiet doet, vind ik echt heel gaaf. Het maakt me superblij. Ik geniet dubbel en dwars van de uitjes. Mijn eerste uitje was een vaartocht met de mannen van Si Barone. Ik heb zo genoten. Ik woon al jaren in Dordt, maar zo had ik de stad nog nooit gezien. Wat ook zo leuk was, is dat ik iemand mocht meenemen. Dat ik iets leuks had om te delen met een ander. En de schipper was zo’n lieverd, echt een mensen-mens. Een andere keer mocht ik bij Christa’s Cookies langs, ook twee lieve dames. En naar de Pluktuin vond ik ook geweldig. Tussen de hoge bloemen zag ik de andere mensen niet en was ik echt even helemaal van de wereld. Dat was heel bijzonder. Inmiddels heb ik al diverse uitjes mogen maken. Daar haal ik mijn plezier uit; het zijn speciale kleine of grote kadootjes voor me.’

 

Kinderfeestje en lunch bij Finn’s

Bij restaurant Finn’s mocht mevrouw S een kinderfeestje vieren voor haar inwonende kleindochter. ‘Ook dit was superleuk. We hebben de verjaardag bij Finn’s gevierd en hadden de hele bovenzaal voor onszelf. De kinderen kregen limonade en friet en werden op hun wenken bediend. Ze hadden de tijd van hun leven! Ik dacht dat het alleen voor de kinderen was, maar ook ik kreeg een bord met eten. Regard, de eigenaar van Finn’s is ook een lieverd en een echte familieman. We hebben zo gezellig gebabbeld. Een andere keer ben ik via Quiet samen met mijn dochter gaan lunchen bij Finn’s. Dat was ook heel leuk voor mijn dochter. Veel dingen die op de kaart staan, kende ze niet. We gaan niet vaak uit eten, dus ze vroeg de serveerster wat een club sandwich was, die stond wel even raar te kijken. Mijn dochter en ik hebben genoten.’

 

We moeten elkaar helpen

Het verbaast mevrouw S dat niet iedereen Quiet al kent. ‘Dat is jammer, iedereen zou Quiet moeten kennen!’ Via bekenden hoorde mevrouw S van de inzamelingsactie (zie kader) van Finn’s en Quiet. ‘Ja, zei ik tegen hen, dat is die man van Finn’s die zo aardig was. ‘Oké zeiden ze, we gaan spullen geven!’’

Zelf helpt mevrouw S ook graag anderen. Zo regelde ze onlangs nog dat een tafel die iemand over had bij een alleenstaande moeder terecht kwam. ‘In het verleden ben ik vaak genoeg zomaar geholpen uit het niets. Dat is zo fijn. Een klein iets kan voor een ander heel groot zijn. Ik weet hoe het is om niks te hebben, dan is een uitgestoken hand heel welkom. We moeten elkaar allemaal een beetje helpen.’

Ondanks alles wat mevrouw S niet heeft, blijft ze positief: ‘Ik ben best wel rijk. Ik kan veel lachen. Ik zie veel dingen als prettig en leuk.’ Ook over Quiet is ze alleen maar positief. ‘Quiet is zo’n mooi initiatief. Ze geven me zoveel meer dan ze weten. De meiden van het team zijn heel open en bieden een luisterend oor. Je voelt je gehoord en dat is fijn. Quiet zorgt voor lichtpuntjes in mijn leven.’