De hervonden kracht van Petra

Een wervelwind. Zo karakteriseert Petra de afgelopen vier jaar van haar leven. Jaren die in het teken staan van verlies, onzekerheid en armoede. Maar ook van liefde, dankbaarheid en kracht. Turbulent was haar leven eigenlijk altijd al. “Toen ik zeventien was werd er bij mijn vader longemfyseem geconstateerd. Slopend voor hem en voor ons als gezin. Zeker de laatste fase van zijn leven heeft een enorme impact gehad. De zorg voor mijn vader kwam op mijn moeder neer. Ik zag haar steeds dieper zinken. Dat in combinatie met een drukke baan heeft er behoorlijk ingehakt. Ik cijferde mezelf volledig weg en raakte mezelf echt kwijt in die tijd. Totdat ik Dyllon leerde kennen. We waren op slag verliefd, kregen twee kinderen en trouwden. Alles klopte. Maar ‘lang en gelukkig’, dat was niet voor ons weggelegd.” Na een reeks fatale gebeurtenissen komt Petra er in 2015 alleen voor te staan. Een emotioneel en uiteindelijk ook financieel drama. “Ik heb mijn trots opzijgezet en álle hulp die ik kon krijgen geaccepteerd. Zonder dat vangnet had ik hier misschien niet meer gezeten.”

TEKST: RUTGER RIJKEN-VROLIJK
FOTO’S: ROOS PIERSON

Petra woont samen met haar twee kinderen, een poes en een vogel in een warm ingericht appartement in Den Bosch. Ze oogt energiek en straalt tegelijkertijd rust uit. “Ik heb vier jaar lang in de overlevingsstand gestaan. Vorig jaar lag ik hier nog in de bank, futloos, verslagen door het systeem, nog steeds niet beseffend wat er eigenlijk was gebeurd. Nu ben ik er weer, sterker dan ooit. Na alles wat ik heb meegemaakt krijgt niets of niemand mij meer omver!” Kracht en overtuiging klinken door in haar woorden. Maar Petra is van ver gekomen. “Op mijn 34e kwam mijn vader te overlijden. Dyllon en ik waren inmiddels al samen en ook zijn vader bleek ernstig ziek. In zeer korte tijd hebben we van beide vaders afscheid moeten nemen. Vervolgens kwam ons leven in een stroomversnelling. Met de komst van onze eerste, ging ik van 36 naar 24 uur werken. Uren waarin ik dezelfde hoeveelheid werk moest verzetten. Niet te doen dus. Na de geboorte van onze tweede kreeg ik bekkeninstabiliteit én een postnatale depressie. Ook ging het in mijn werkveld zodanig slecht, dat ik door een noodgedwongen reorganisatie ontslagen werd. Er kwam door deze gebeurtenissen een enorme druk op ons huwelijk te staan.”

Het jonge gezin weet zich er wonderwel doorheen te slaan. Totdat de volgende klap komt. “Dyllon had het vreselijk zwaar gehad en kon niet meer in een gezinssituatie leven. Hij wilde scheiden. Superheftig maar ik had er begrip voor. We bleven een goed ouderteam. We waren beste vrienden. Het was een fijne tijd waarin we nog steeds als familie op vakantie gingen en ook verjaardagen en feestdagen samen vierden. Maar Dyllon was ziek. Ernstig ziek.” Petra schiet vol, haalt even rustig adem en herpakt zich. “Hij liep al zijn hele leven rond met de wens om niet meer op deze aarde te zijn. Hij was al eens opgenomen geweest, kreeg therapie en slikte medicijnen. Ik wist wel dat hij suïcidaal was, hij had een aantal zelfmoordpogingen gedaan, en we spraken daar ook open over. Uiteindelijk is het hem dan toch gelukt om uit het leven te stappen. Achteraf gezien had ik misschien nóg meer met ‘m willen praten. Ik weet natuurlijk niet of dat een verschil had gemaakt.”

Een breed vangnet

“Ik denk dat we Dyllon een mooi, gelukkig leven hebben gegeven, de kinderen en ik. Maar zijn keuze maakte van mijn leven een hel. Hoe vertel je je kinderen dat hun vader dood is? En hoe voed je hen op met maar één inkomen? Ik was in die tijd nét een maand begonnen als zelfstandig grafisch ontwerper en werkte daarnaast een aantal uur in de thuiszorg. Een eigen bedrijf was mijn droom, alleen het werven van klanten vergde veel energie. Toen, door het overlijden van mijn cliënt, mijn uren in de zorg wegvielen, kon ik gewoon niet meer. Het was op.” In de twee weken na Dyllons overlijden nemen Petra’s vrienden haar rol als moeder even van haar over. In een roulatiesysteem wordt er gekookt, schoongemaakt en voor de kinderen gezorgd. “Zij hebben alles draaiende gehouden. Ik had altijd gezaaid, zeiden ze. Nu was het mijn tijd om te oogsten. Op aanraden en initiatief van mijn vrienden kwam ik in contact met professionele hulpverleners. Via Humanitas kreeg ik drie uur in de week een gezinscoach gespecialiseerd in rouwverwerking over de vloer. Zij was er helemaal vrijwillig voor mij, als een warme deken. Ook werd er voor een pleeggezin gezorgd waar de kinderen ‘als eigen’ werden opgevangen eens in de vier weken, zodat ik wat tijd voor mezelf had. Het pleeggezin doet dit tot op de dag van vandaag. Een geschenk. Het sociaal wijkteam hield ondertussen de regie en legde contact met andere instanties die me konden helpen.”

Iedereen die zich om Petra en haar gezin bekommert, geeft hetzelfde advies: pak rust en ga de bijstand in. Haar primaire reactie is weerstand. “Ik ga never nooit de bijstand in. Dat was mijn eerste gedachte. Na lang vechten met mezelf en mijn trots heb ik het toch gedaan. Vooral in het belang van mijn kinderen. Ik moest ook mijn bedrijfje opdoeken. Daarmee ging een droom in rook op, maar het kon niet anders.” In de maanden die volgen zoekt én krijgt Petra hulp om haar leven weer op orde te krijgen. Van hulp in het huishouden tot hulp bij haar administratie, en van psychische tot lichamelijke ondersteuning. En dat voor iemand die wars is van hulp vragen. “Eén van de eerste dingen die ik als klein meisje kon zeggen was ‘ikke zelf doen’. Toch ben ik dolblij dat ik die torenhoge drempel ben overgestapt. De hulp van mijn moeder, mijn vrienden, de pleegouders en een aantal geweldige hulpverleners heeft er uiteindelijk voor gezorgd dat ik weer ben waar ik moet zijn.”

Voorzichtig plannen maken

Het overlijden van de vader van haar kinderen betekent voor Petra een emotionele vrije val. En heeft ook verstrekkende financiële gevolgen. “Wij hadden co-ouderschap. De een kon werken als de ander de kinderen had. Dat gaf ons allebei een vast inkomen en de mogelijkheid om de kosten voor onze kinderen te delen. Maar we moesten meer delen. Na onze scheiding hadden we bijvoorbeeld ons huis moeten verkopen. En dat midden in crisistijd. De restschuld werd verdeeld en we losten allebei maandelijks een deel af. Zijn dood had tot gevolg dat de totale restschuld bij mij kwam te liggen. Een schuld die ik mijn leven lang met me mee zou dragen. Daar wil je op zo’n moment helemaal niet aan denken, maar het was de keiharde realiteit. Daarnaast viel niet alleen zijn inkomen weg, maar ook de tijd waarin ik kon werken. Ik kon ineens minder werken en had dus minder inkomen, terwijl ik wél de volledige zorg voor de kids had.”

Petra schakelt de gemeente in en vraagt een schuldhulpregeling aan. Een gevecht met de hypotheekbank volgt. “Ondanks mijn verhaal wilde men niet meewerken. Terwijl ik niet eens mijn huur meer kon betalen! Wat moest ik dan? Met twee kinderen in een doos onder een brug gaan wonen? Ik was woest dat iemand ánders zomaar mocht beslissen over mijn leven. Iemand die ’s ochtends fluitend naar het werk ging, besliste eventjes over mijn leven, niet wetende dat die beslissing misschien wel vergaande gevolgen kon hebben. En ik bleef achter in de shit. Dankzij de hulp van Humanitas en de partij die destijds de hypotheekaanvraag had geregeld, lukte het gelukkig toch om de bank te laten instemmen.” Het schuldsaneringstraject is inmiddels voor tweederde afgerond. Met nog een jaar te gaan maakt Petra al voorzichtig plannen met haar kinderen. “Ze willen hun kamertjes opknappen. Dat kan straks weer gewoon. Behang kopen en aan de slag! En als ik een keertje naar McDonald’s wil gaan met ze, dan hoef ik me daar niet schuldig over te voelen. Van zulke vooruitzichten word ik blij.”

Allemaal in hetzelfde schuitje

Tot de instanties die de afgelopen vier jaar aan Petra’s zijde hebben gestaan, behoort ook Quiet Den Bosch. Ze was aanvankelijk huiverig, vertelt ze. “Omdat ik de regie over mijn leven kwijt was, vond ik het heel lastig om mijn hand op te houden. Zo voelde het een beetje. Toen ik eenmaal binnen was en begreep wat Quiet voor me kon betekenen, zag ik alleen maar mensen met een warm hart. Mensen die het voor mij fijn wilden maken en me begrepen. Tijdens de inloopochtenden realiseerde ik me bovendien dat het echt iedereen kan overkomen. We zitten in hetzelfde schuitje. We zijn normale mensen met heftige levensverhalen. Mensen die echt hun best doen, terwijl de vooroordelen hardnekkig zijn. Ik zit niet in de schulden omdat ik te veel bij de Wehkamp heb gekocht, ik kan heus wel met geld omgaan!”

De eerste aanbieding die ze van Quiet krijgt staat haar nog helder voor de geest. “Het was een snoepwinkeltje hier in het centrum dat traktaties weggaf. Mijn zoontje was jarig dus dat kwam precies op het goede moment. Toen ik mijn Quiet-pasje liet zien begon de eigenaresse meteen te huilen. Zó lief. Ik kreeg dertig traktaties mee, hartverwarmend.” Dat je als alleenstaande moeder in een armoedesituatie ook kil bejegend kan worden weet Petra maar al te goed. “Onlangs kwam ik met mijn boodschappen naar buiten bij de Voedselbank. We hadden die dag toevallig taart gekregen, hartstikke fijn. Loopt er een vrouw langs die laatdunkend ‘zozo, taart…’ roept. Als het zou kunnen, dan zou ik diegene wel eens willen laten voelen wat ik voel, laten meemaken wat ik heb meegemaakt. Ik hoop dat dan haar ogen geopend worden en er wél begrip is. Zij kan elke dág taart kopen! Mensen zijn af en toe zo lomp, ze beseffen zich niet wat ze zeggen. Er is veel onbegrip. Maar als je 61 cent op je rekening hebt staan, dan begrijp je het snel genoeg.”

Van vrijwilliger naar vaste baan

“Quiet Den Bosch betekent nog meer voor me dan een aantal geweldige aanbiedingen. Een tijd lang heb ik vier uur in de week meegeholpen als vrijwillige administratieve kracht. Al snel ontdekte ik dat ik het fijn vond om weer collega’s te hebben. Ik voelde me thuis en werd gedreven door hun enthousiasme en inzet. Ik leerde de organisatie een beetje kennen. Het vrijwilligerswerk maakte écht iets los, gaf me weer een doel. En ik kreeg zin om te werken! Ik wist goed wat ik vooral niet wilde. Geen verantwoordelijke job, geen zelfstandige onderneming. Gewoon werken voor een werkgever, onder schooltijd en het liefst iets van administratie om weer in het werkgevoel te komen. Mijn werkconsulent was blij verrast. Ik viel natuurlijk onder de categorie ‘grote afstand tot de arbeidsmarkt’. Ging ik ineens om werk vragen!”

Bij de gemeente blijkt een administratieve functie open te staan op de afdeling van Petra’s werkconsulent. Petra wordt aangenomen; een perfecte match. “Ik ben nu in dienst van de gemeente en doe de administratie voor alle werkconsulenten. In plaats van vóór de balie zit ik er nu achter, dat voelt goed. Mijn collega’s kennen mijn verhaal en vinden het fijn dat ik er ben. Zo’n warm welkom heb ik in geen enkele andere werkomgeving meegemaakt hoor. Ik hoef mijn collega’s niet uit te leggen dat ik elke vakantie vrij moet zijn voor de kinderen. Er is alle begrip voor. Vanaf januari 2020 treed ik vast in dienst voor 24 uur. Als je me dit een jaar geleden had verteld, had ik je niet geloofd.”

Rust, reinheid en regelmaat

Trots is Petra het meest op haar kinderen. “Opgroeien zonder vader is geen gemakkelijke opgave, maar ze doen het elke dag opnieuw. Het gemis zit hem in kleine dingen. Ze begrijpen ook dat we het nu niet breed hebben en denken met me mee. Ondanks alles gaat het weer goed met ze. Dan kun je als moeder alleen maar gelukkig zijn. Ik ben eigenlijk ook wel trots op mezelf. Op wat ik heb bereikt en op waar ik nu sta. En trots op het feit dat ik mijn trots de afgelopen jaren opzij heb kunnen zetten.” Niemand kan eromheen: de energie is terug in het leven van Petra. Energie die ze krijgt van haar kinderen, haar werk, haar partner en van zichzelf. Want kracht vind je ook in jezelf, zegt ze. “Ik kijk bewust niet te ver vooruit en droom realistisch. Ik wil mijn kinderen namelijk behoeden voor gekmakerij. Als ik hen iets beloof, moet ik het waarmaken. Aan kleine stapjes hebben we dus meer dan aan flinke passen. Het leven hoeft niet groots en spectaculair te zijn. Rust, reinheid en regelmaat, meer hebben we niet nodig.”