In de serie ‘verhalen van members’ deze week het verhaal van Tonnie Kragten.

Tekst: Yentl van Stokkum

Tonnie: “Deze situatie waar we in zitten voelt voor mij bekend, daarom heb ik er geen echte problemen mee. Ik pas mezelf goed aan en houd me gewoon aan de regels. Als iemand in mijn nek staat te hijgen, zeg ik daar wat van. Ik ben beroepsmilitair geweest en heb drie oorlogen meegemaakt. Nu ben ik met vervroegd pensioen. Toen ik uit de oorlog kwam heb ik een poosje administratief en logistiek werk gedaan, maar de gemeente heeft tegen mij gezegd: ‘Ach, meneer Kragten, blijft u maar lekker thuis zitten tot 2020 en dan zien we dan wel verder.’ Voorlopig zal er wel niets komen, tenminste, niet zolang we de coronacrisis hebben. Ergens hoopte ik dat ik misschien nog werk zou krijgen.

Maar ik heb niets te klagen. Ik zorg goed voor mezelf. Mijn dagelijks leven is niet veranderd. Overdag houd ik mijn huis bij, dat stelt weinig voor wanneer je alleen woont. Verder zit ik vaak achter de computer, dan heb ik ook de televisie aan en kijk ik daar zo nu en dan naar. Sowieso ben ik iemand die graag op zichzelf is. Ik heb één maatje die hier in de buurt woont, op vijfhonderd meter lopen. Twee of drie keer in de week ga ik bij hem langs of komt hij naar mij. Dan kijken we samen televisie en drinken we een biertje. Meer heb ik ook niet nodig. Af en toe krijg ik een telefoontje en dan heb ik ook wel mijn contact.

Ik ben in Libanon geweest, in Kosovo en Irak. Ik heb daar verschrikkelijke dingen gezien, waar ik mee te leven heb. Ik heb daar mijn werk gedaan en in de geschiedenis is er altijd oorlog geweest. Het is het ergste dat wij mensen ooit uit hebben gevonden.

Ja, eigenlijk heb ik niet zo veel te vertellen, en wat ik te vertellen heb, daar zitten mensen niet op te wachten. Mensen weten niet hoe ze met verhalen over de oorlog om moeten gaan, dus meestal houd ik mijn mond dicht. Soms, heel soms kan ik daar een klein beetje over kwijt.

Het voelt alsof ik dit allemaal al een keer heb meegemaakt. Ik heb zo veel prikken en inentingen gehad. Soms denk ik dat mijn verleden mij voor alles immuun heeft gemaakt, al had ik laatst wel de griep. In ieder geval ben ik nergens meer bang voor.”