“Door elkaar te ontmoeten ontstaat er begrip”

Bij het Huis van Compassie ben je welkom voor ontmoeting, steun en activiteiten. Compassie met mensen in een maatschappelijk kwetsbare positie staat daarbij centraal. Of je nu een praatje wilt, praktische hulp zoekt, mee wilt doen aan workshops of gewoon een kop koffie wilt drinken: het is een warme plek waar je zowel steun kunt ontvangen als iets kunt betekenen voor een ander. We spraken met Pieter Poels, coördinator van het Huis van Compassie, over het ontstaan van de stichting en de samenwerking met Quiet.

 Als jonge professional werkte Pieter bij Vluchtelingenwerk Nijmegen. Hij had daar verschillende functies, zoals beleidsmaker, projectleider en communicatiemedewerker. In die periode leerde hij Paul Oosterhoff kennen, de diaconaal predikant van Nijmegen. Paul richtte Stichting Noodopvang Vluchtelingen (SNOV) op. Pieter werd secretaris van het bestuur. SNOV biedt de bed-bad-brood opvang voor dakloze vluchtelingen uit Nijmegen zonder legaal verblijfsrecht.

 

Toen Vluchtelingenwerk failliet ging, wist hij dat hij met Paul verder wilde werken. “Paul had het pand ´De Haard´ tot zijn beschikking en wilde daar een ontmoetingsplek maken vanuit het idee van compassie. Ik werd de coördinator. Vanuit De Haard zijn we het Huis van Compassie gaan opbouwen.”

Doelgroepen en visie
Het Huis van Compassie zet zich in voor mensen in armoede, mensen met een vluchtelingenachtergrond en mensen zonder verblijfsstatus. Het doel is deze groepen met elkaar in contact te brengen, samen met mensen die zich willen inzetten voor een ander. “Door veel contact met mensen verandert je blik”, legt Pieter uit. “Door elkaar te ontmoeten ontstaat er begrip.” Dit heeft geleid tot een diverse gemeenschap waarin mensen naar elkaar omzien. Dit is ook herkenbaar bij Quiet: “Mensen zijn niet alleen hulpvrager, maar hebben zelf ook veel te bieden.”
Pieter vertelt: “We zijn hier vijftien jaar geleden mee begonnen. De eerste twee jaar viel het Huis van Compassie onder de diaconie, daarna zijn we een zelfstandige stichting geworden.”
Meedoen staat centraal binnen de organisatie. Inmiddels werken er ongeveer 250 vrijwilligers bij het Huis van Compassie. Samen werken zij aan zo’n twintig projecten. De belangrijkste thema’s zijn ontmoeting, maaltijden, duurzaamheid en vluchtelingen.

Voorbeelden van projecten
Een van de projecten is ´Eet en Ontmoet´, waarbij verschillende groepen samen aan tafel komen. “Het restaurant van Plan A dat we mogen gebruiken is daarbij een belangrijke plek voor ontmoeting en uitwisseling.”
Daarnaast organiseert het Huis van Compassie dialogen op diverse locaties in de stad, waar deelnemers ervaringen en ideeën met elkaar delen. Ook is er het project ´De Meebouwers´, in samenwerking met de Wijkfabriek, het Hobbycentrum en Buur West: “Hiermee ondersteunen we actieve bewoners en initiatieven in de wijk, zodat zij hun werk beter kunnen doen en verder kunnen groeien.”

Samenwerking met Quiet
Het Huis van Compassie werkt nauw samen met Quiet. Die samenwerking ontstond op natuurlijke wijze. “We zochten allebei een kantoorruimte en besloten samen een plek te vinden. We hebben hetzelfde doel en vullen elkaar goed aan. Mensen maken vaak gebruik van beide organisaties.”
Zo wordt er bijvoorbeeld samengewerkt op het gebied van gezondheid. “Er komt een diëtist die spreekuur houdt bij Quiet, waarna mensen kunnen lunchen bij het Huis van Compassie. Ook de diëtist sluit daarbij aan. Er is veel behoefte aan advies over gezond leven, omdat armoede en stress vaak samengaan met minder toegang tot gezond eten en bewegingsactiviteiten.”
Net als Quiet is het Huis van Compassie ook betrokken bij het Armoedenetwerk. “Dit netwerk brengt organisaties samen die werken met armoede. Samen zorgen we ervoor dat mensen beter weten waar ze terechtkunnen en geven we de lokale politiek inzicht in het belang van ons werk. Door ons directe contact met mensen in armoede kunnen we hun stem laten horen.”

Persoonlijke motivatie en achtergrond
Sociaal werk zit in de familie van Pieter. “Mijn oom Gerrit Poels is bekend als de broodpater in Tilburg en ook andere familieleden gingen het klooster in.”
Ook persoonlijke ervaringen met armoede spelen een rol. “Als puber wilde ik erbij horen, bijvoorbeeld door een Levi’s-broek te dragen, maar dat kon niet.” Door gezondheidsproblemen van beide ouders en hoge zorgkosten kwam het gezin in armoede terecht. “Mijn moeder probeerde alles bij elkaar te houden en maakte kleding voor zichzelf om geld te sparen voor ons.”
Die ervaringen werken nog altijd door. “Ik groeide op in Berg en Dal, waar armoede weinig zichtbaar was, maar ik leerde dat het veel breder voorkomt dan vaak gedacht.”
Dat motiveert om zich blijvend in te zetten tegen armoede, ook naast het betaalde werk: “ik probeer praktisch solidair te zijn door ook veel vrijwilligerswerk te doen en mijn inkomen te delen met mensen die het minder hebben getroffen.”

Veerkracht van mensen
De mensen met wie wordt samengewerkt maken diepe indruk. “Wat mij bijvoorbeeld heeft geraakt, zijn onze Afghaanse koks. Zij hebben veel meegemaakt.” Tegelijkertijd heb ik grote bewondering voor hun veerkracht: “Ze koken met grote inzet voor anderen, zelfs op tijden dat zij zelf niet mogen eten. Dat laat zien hoeveel kracht mensen hebben. Wij maken geen onderscheid tussen wie veel of weinig heeft. Iedereen kan hulp nodig hebben, maar iedereen heeft ook iets te geven.”  Met zichtbare trots kijkt hij naar de ontwikkeling van de organisatie: “Ik ben trots op hoe het Huis van Compassie zich blijft ontwikkelen als een stabiele organisatie met een warm hart”.

Winkelwagen

winkelwagen is leeg
  • {{#Name}}

    {{Name}}

    {{/Name}} {{^Name}}

    {{Uid}}

    {{/Name}}
    {{LinePrice}}
  • {{#Name}}

    {{Name}}

    {{/Name}} {{^Name}}

    {{Uid}}

    {{/Name}}
    {{LinePrice}}
    {{#CustomFields}}
    {{Name}}: {{Value}}
    {{/CustomFields}}
  • Gegevens